De ZIA/EY-Digitalisierungsstudie 2026, uitgevoerd door de Zentraler Immobilien Ausschuss (ZIA) en EY Real Estate, onthult dat een overweldigende 96 procent van de Duitse vastgoedsector kunstmatige intelligentie (AI) als essentieel beschouwt voor de komende vijf jaar tot 2031. Deze erkenning gaat gepaard met een toename in investeringen, waarbij 61 procent van de bedrijven hun budgetten voor digitalisering verhoogt. Desondanks wijst het onderzoek, gebaseerd op een enquête onder circa 150 medewerkers van zowel private als publieke ondernemingen in het eerste halfjaar van 2026, op een aanzienlijke lacune: digitale veerkracht wordt zelden volledig gemeten of actief beheerd, wat duidt op een kloof tussen intentie en daadwerkelijke implementatie binnen de branche.
Ondanks economisch uitdagende tijden blijft de vastgoedsector vasthouden aan digitalisering, zo blijkt uit de studie die de status quo van digitale excellentie, trends en uitdagingen in kaart brengt. De technologische fundamenten zijn in de branche grotendeels gelegd, met een duidelijke focus op toekomstige technologieën. Naast AI, dat met 96 procent de hoogste relevantiewaarde scoort, worden cloud-oplossingen (94 procent) en big data (79 procent) gezien als onmisbare voorlopers. Deze positieve ontwikkelingen worden echter geremd door diverse factoren. Het tekort aan geschoolde arbeidskrachten wordt door 74 procent van de respondenten als een belemmering genoemd, gevolgd door kosten (68 procent) en een gebrekkige datakwaliteit (62 procent). Een nieuwe factor die in de studie van 2026 voor het eerst als zelfstandige remmende factor is opgenomen, is het gebrek aan cybercompetentie, genoemd door 45 procent van de bedrijven. Dit toont aan dat de branche preciezer benoemt waar de knelpunten liggen.
Het zwaartepunt van de studie legt een cruciale lacune bloot: hoewel digitale veerkracht wordt nagestreefd, wordt deze zelden gemeten, getest of actief gestuurd. Meer dan de helft van de bedrijven heeft strategische veerkrachtmaatregelen geïmplementeerd of gepland, en 70 procent rapporteert kostenbesparingen en efficiëntiewinsten. Echter, slechts één op de tien bedrijven meet digitale veerkracht volledig; bij ongeveer de helft zijn de KPI's onvolledig, en bijna een derde meet helemaal niet. Prognose- en vroegtijdige waarschuwingssystemen worden slechts door 14 procent van de bedrijven uitgebreid ingezet, terwijl ongeveer een derde er volledig van afziet. Ook crisissimulaties blijven de uitzondering, ondanks dat regelmatige tests essentieel zijn om de kloof tussen de gevoelde en de daadwerkelijke robuustheid te dichten. Geopolitieke risico's worden bovendien nog zelden meegenomen in de strategische portfolio-oriëntatie.
Een ander belangrijk aspect dat de studie belicht, is digitale soevereiniteit. Meer dan twee derde van de bedrijven ziet technologische onafhankelijkheid als een strategisch doel. Tegelijkertijd is 70 procent afhankelijk van een beperkt aantal grote IT-aanbieders. Multi-vendor strategieën en Europese alternatieven zijn tot op heden weinig verspreid. Toekomstige technologieën zoals digitale tweelingen of predictive maintenance blijven uitzonderingen, wat de uitdagingen in de implementatie van geavanceerde oplossingen verder illustreert. Dr. Lars Scheidecker, partner bij EY Parthenon, benadrukt dat "resilientie niet ontstaat door individuele technologieën, maar door het samenspel van data-infrastructuur, duidelijke governance en de moed om consequent van pilots naar uitrol te gaan." ZIA-hoofdsecretaris Aygül Özkan voegt hieraan toe dat "wie digitale veerkracht actief meet, test en stuurt, niet alleen de eigen concurrentiepositie veiligstelt, maar ook de hele branche versterkt."
In Nederland tonen vergelijkbare onderzoeken van bijvoorbeeld de NVM een groeiende interesse in AI binnen de vastgoedsector, maar ook uitdagingen bij de adoptie en het meten van de impact. De Duitse bevindingen bieden daarmee waardevolle inzichten voor de Nederlandse markt, die eveneens worstelt met de transformatie van digitale intentie naar meetbare en beheerde veerkracht.
Bron: Haufe.de.